De hotellobby: anonieme non-plaats of bruisend trefpunt?

De hotellobby is een bijzonder type ruimte in de stad . Hij is openbaar toegankelijk, vaak 24 uur per dag , voor zowel hotelgasten als niet-gasten. Bezoekers kunnen een drankje drinken aan de bar, of vanuit de quasi nonchalant neergezette fauteuils andere lobbyzitters aanschouwen. Het is ook de plek waar prostituees vaak hun klandizie zoeken, zo blijkt uit onderzoek van Elsevier. Kortom, het is de plek waar bezoekers anonieme kamernummers worden en waar het alledaagse leven ver weg lijkt.

Door: Anne Seghers

Menig kunstenaar, architect of filosoof raakte geïnspireerd door de hotellobby. Al in het begin van de twintigste eeuw schreef de Duitse socioloog en cultuurcriticus Siegfried Kracauer hier een essay over. Hij stelt dat een lobby eigenlijk functieloos is en er daardoor voor zorgt dat mensen in de lobby bezig zijn met ‘niets doen’. Hij zet uiteen hoe dit ‘niets doen’ maakt dat hotellobbyzitters haast gelijken worden, ongeacht hun achtergrond en afkomst.

Ook de Franse socioloog Henri Lefebvre bewaarde voor de hotellobby een warm plekje in zijn hart. Hij introduceerde het begrip ‘non-plaats’. Dit zijn anonieme doorgangs- en verblijfsruimtes, die zich kenmerken door hun uniformiteit en gebrek aan sociale binding. Non-plaatsen zien er overal ter wereld hetzelfde uit en iedereen is er slechts tijdelijk. De Amerikaanse schilder Edward Hopper heeft meerdere schilderijen aan de hotellobby gewijd. Als ervaren reiziger bracht hij er veel tijd in door en zijn schilderijen stralen gevoelens van vervreemding, eenzaamheid en vluchtigheid uit. Daarnaast kan de hotellobby gezien worden als een nieuw soort publieke ruimte, aangezien mensen elkaar steeds vaker ontmoeten in winkelcentra, lobby’s en entertainmentcentra in plaats van buiten, op straat en op pleinen. Het feit dat een lobby dag en nacht toegankelijk is, herbergt een enorme potentie als stedelijke ontmoetingsplaats.

De betekenis van de hotellobby als stedelijke ruimte verschilt dus sterk per invalshoek. Hoe staat het met de Utrechtse lobby’s? Zijn het onopvallende en anonieme ruimtes, geheel inwisselbaar en betekenisloos? Of zijn het plekken waar het stedelijk leven bruist en waar de stad Utrecht zich subliem presenteert aan bezoekers?

Badhu – Willem van Noortplein 19
Het gehele interieur van Badhu ademt Arabische sferen, als verwijzing naar de oorspronkelijke functie als badhuis. Zo zijn er Marokkaanse lampen, Perzische tapijten en Arabische patronen die steeds terugkeren, zowel in de muurschilderingen en in de bekleding van de banken als in de gietijzeren ornamenten en in het servies. Hoewel het hotel met slechts acht kamers klein is, is de lobby groot en uitnodigend. Het is dan ook veel meer dan een ontvangstplek voor hotelgasten; het is in de eerste plaats een bar en restaurant. De ruimte is grofweg opgedeeld in drie delen. Allereerst is er een soort voorportaal, waar kleine ronde tafeltjes en lange banken staan die de ruimte omkaderen. Daarna volgt de bar waar een enkele grote leren poef staat, vergezeld door een oversized lederen bankstel. Achter de bar is het restaurant. Hier zijn verschillende nissen gecreëerd, wat intiem tafelen mogelijk maakt. Ten slotte heeft Badhu een terras, grenzend aan het groene plein. De lobby van Badhu is volledig opgegaan in een bijzondere vorm van horeca. Hierdoor is een publieke ruimte ontstaan waarvan zowel bewoners van Utrecht als hotelgasten gretig gebruik maken. Het is een fijne plek, die hotelgasten onderdompelt in het verleden van het voormalige badhuis. AS

Grand Hotel Karel V – Geertebolwerk 1
Het voormalige onderkomen van de ridders van de Duitse Orde (en later de soldaten van Napoleon) is het enige nog ommuurde kloosterterrein van de ruim veertien die Utrecht ooit rijk was. Voorwaarde voor de komst van het hotel in het ‘Duitse Huis’ was de toegankelijkheid van de tuin voor niethotelgasten. Met de hotelkamers aan de Catharijnesingel en een restaurant en bistro aan de binnenstadkant blijven het terrein en het complex te bezoeken door de (toevallige) passant. De hotellobby bevindt zich achter de hoofdingang aan de singel. Als bezoeker kan je zonder teruggefloten, of ontvangen, te worden een aangename route afleggen vanaf de Springweg langs de knusse en toegankelijk brasserie, de majestueuze restaurantzaal met fonkelende kroonluchters, door een lange gang naar de lobby. Deze is een vijfsterrenhotel waardig: luxe zitjes met een klassieke uitstraling en personeel in groene uniformen. Overdag is het een komen en gaan van gasten en koffers. Als passant heb je hier niets te zoeken. Voor eventueel vertier herbergt de reeks middeleeuwse kelders in het hart van het complex een wijnbar, goed verstopt achter de toiletten. De prettige entourage ten spijt, hier is geen greintje levendigheid te bekennen. Als de laatste hotelgasten zich verzadigd naar hun kamer begeven wordt de bar rond elf uur gesloten en gaat de dag als een nachtkaarsje uit. MD

Holiday Inn Express – Van Deventerlaan 10
De Holiday Inn Express aan de rand van Papendorp is volledig gericht op bezoekers die met de auto komen. Via een half verdiepte parkeergarage en een lift komen de gasten terecht in de lobby. Deze opmerkelijke entree is een gevolg van de herbestemming van het oorspronkelijke kantoorpand. Het gebouw bestaat uit twee volumes van vijf lagen. Mulderblauw Architecten heeft de transformatie voor haar rekening genomen. De 118 hotelkamers zitten in één gebouwvolume, het andere is deels nog in gebruik als kantoor en staat deels leeg. De lobby en alle andere publieke functies van het hotel bevinden zich in de glazen loopbrug die beide bouwdelen verbindt. De lobby biedt een weids uitzicht over de glooiende grasvelden en waterpartijen van Papendorp, terwijl in de verte auto’s over de snelweg flitsen. Roomdividers verdelen de langgerekte ruimte. Van business corner tot ontbijthoek en van loungegedeelte tot leestafel is alles even zakelijk en clean, met veel gladde oppervlakken. Omdat het uitgesproken karakter van Papendorp de sfeer grotendeels bepaalt, lijkt de stad Utrecht ver weg. Het kunstmatige landschap buiten en het strakke, maar nietszeggende, interieur maken er een gebouw van met een teflonlaag, een cocon waar alle invloeden van buiten wegglijden. De term generic space lijkt hier bedacht. AS

NH Hotel – Jaarbeursplein 24
De 66 meter hoge toren van het NH Hotel (het vroegere Holiday Inn) doet overtuigend mee met het stedelijk ensemble dat vanaf de jaren ‘70 in en rond het stationsgebied verscheen. De architectuur van Hoog Catharijne werd ten tijde van de bouw als tijdloos beschouwd en hetzelfde begrip lijkt op de lobby van het NH Hotel van toepassing. Want hoewel deze bij binnenkomst groots en chique aandoet, blijkt al snel dat de eerste indruk slechts een vernislaag is. Retro-elementen als de indirecte verlichting van de getrapte overgang tussen de twee plafondhoogten, het gebruik van goudkleurig metaal voor deurposten, liftschachten en deurklinken en de gepolijste granieten tegelvloer hadden de basis kunnen zijn van een hip interieur. Maar een kitscherige uitstraling van vergane glorie overheerst. Ruimtelijk gezien is de lobby één grote gang die niet uitlokt tot verblijf. De lobby heeft veel ramen die allemaal uitzicht bieden op de verkeersdrukte van het Westplein. Hierdoor weerspiegelt de lobby niets van het karakter van Utrecht. Deze lobby sluit naadloos aan bij de definitie van non-plaatsen – het ademt de 24-uurssfeer van een wegrestaurant. AS

Hotel Dom – Domstraat 4
Wat zat er voorheen eigenlijk in dit statige pand aan de Domstraat? Aan de hustle and bustle van de Domstraat deed het in ieder geval niet mee. Nu maken twee ferme vlaggen aan de gevel duidelijk dat Hotel Dom en restaurant en cocktailbar Four er gevestigd zijn. Vanaf de straat heeft het interieur een warme en chique uitstraling door de grote witte hanglampen voor de ramen. De klassieke symmetrische indeling van het pand is gehandhaafd, ter weerszijden van een gang liggen ruime vertrekken. Het smaakvolle interieur heeft een hard oranje vloer, leren bankstellen en stoelen in een lichte versie van oudroze. De zwarte kasten zijn oranje aangelicht, wat een Japanse sereniteit oplevert. Zelfs de rookruimte oogt stijlvol. Dit is een plek waar je met een gerust hart kunt dineren en gezien worden. Het interieur heeft allure en geen valse chic, zoals bij De Rechtbank aan de Korte Nieuwstraat. Voor de ontspannen sfeer maak je speciaal een omweg. Als bezoeker kan het je totaal ontgaan dat het hier een hotel betreft. Op een doordeweekse avond is het er rustig, in het weekend zorgen Lazy Jazz middagen en club nights voor nog meer levendigheid en gemengd publiek. Het enige dat het hotel ontbeert is een aangename buitenruimte. MD/FM

Hostel Strowis – Boothstraat 8
Na een verleden als woonhuis, school en arbeidsbureau doet dit pand in de historische Boothstraat sinds halverwege de jaren ‘90 dienst als hostel. Het is voornamelijk een uitvalsbasis voor backpackers en de meer alternatieve wereldreiziger. Hostel Strowis heeft nauwe banden met het om de hoek gelegen politiek cultureel centrum ACU. Beide panden waren gekraakt en zijn in een gezamenlijk verband aangekocht, bezoekers van activiteiten in het ACU overnachten in Strowis en gasten van Strowis worden geattendeerd op het programma en de eetmogelijkheden bij het ACU. De deur van de lobby zit standaard dicht, waardoor aanbellen noodzakelijk is. Desondanks is het druk in de lobby, met een komen en gaan van bezoekers. De lobby is tevens eetzaal en ontmoetingsplek en biedt doorgang naar de achtergelegen tuin. Het interieur is niet bijzonder. Het ziet eruit zoals praktisch elk hostel wereldwijd: een gezellig samenraapsel van tweedehands meubilair, veel verschillende kleuren, een boekenruilsysteem en toeristische informatie. Toch is de plek écht Utrechts. Het is een plek vol interessante mensen, met de potentie van een stedelijke bruisplek. Het kenmerkende krakersverleden is nog steeds springlevend en gasten bevinden zich middenin de binnenstedelijke drukte. De horecavergunning belet bewoners van Utrecht momenteel echter nog er een kopje koffie te drinken. AS

Mitland – Ariënslaan 1
Wie de parkeerplaats van het viersterrenhotel Mitland opdraait, krijgt, zeker op een zonnige dag in mei, meteen een vakantiegevoel. Het witte hotelcomplex staat in de groene en waterrijke Voorveldse Polder, waar het stikt van de joggers en hondenuitlaters. Binnen zorgen zachtgele muren, frisgroene en warmbruine suède stoelen, steigerhouten tafels en een gashaard voor een warm welkom. In de aangrenzende eetzaal van Restaurant-Brasserie Vlonders zijn de fauteuils van leer, zachtgrijs en -bruin. Uit de speakers klinkt Eric Clapton, op de kaart staan asperges. Het aangename terras kijkt uit over de waterplas en Fort de Bilt. De inrichting ademt natuur, buiten zijn, ontspanning. Toch is dit echt het terrein van aktetas en weekendkoffer. Bezoekers van de lobby zijn hotelgasten op badslippers of mensen met een zakelijke afspraak, teruggetrokken in een rustig hoekje. Men komt hier voor een vergadering of congres, voor een overnachting langs de uitvalswegen van Utrecht. Mensen uit de directe omgeving komen hier hooguit een avondje bowlen, de kans is klein dat ze even blijven hangen voor een drankje. Ondanks het mooie park wordt Hotel Mitland niet zo intensief gebruikt als bijvoorbeeld het pannenkoekenhuis in Rhijnauwen. Daarvoor is het toch teveel een ander universum: de anonieme, vluchtige wereld van reizigers en zakenlui. FM