Nieuwbouw Ledig Erf nadert finish

‘TE KOOP’, ‘TE HUUR’ prijkt vanachter de ramen van de nieuwe kopbebouwing aan het Ledig Erf. Vijftien jaar nadat AWG architecten van Bon Groep de opdracht kreeg om op deze plek zo’n veertig appartementen te realiseren, zijn dit de tekenen van een naderende finish. Hoe stapt het plan over de streep?

Door: Mathijs Cremers

Traagheid
Hoewel vijftien jaar voor een bouwproject flink is, relativeert Christine de Ruijter van AWG dit door uit te leggen dat complexe binnenstedelijke opgaven als deze een gemiddelde looptijd van zes tot acht jaar kennen: ‘Complexiteit kost tijd.’ De meeste tijd ging op aan onteigeningsprocedures voor het verwerven van alle grond. Deels was de grond in bezit van de gemeente en Bon Groep, maar particuliere eigenaren bleken hun bezit moeilijk los te kunnen laten. ‘Toch zou ik, terugdenkend aan het proces, niet willen spreken van vertraging. Het proces werd gewoon stap voor stap doorlopen. Een zekere traagheid kende het, maar dat is iets anders dan vertraging.’, vindt De Ruijter.

De sterke motor achter dit project werd gevormd door opdrachtgever, gemeente, monumentenzorg en architect die vanaf de start samen optrokken in ontwerpsessies en overleg. Zo opererend werd voorkomen dat belangrijke partijen tijdens de rit tegenover elkaar kwamen te staan. Het team weet het plan op te leveren ‘zonder veel wijzigingen aan de initiële uitgangspunten’, aldus De Ruijter. Een knap resultaat. Daarbij vormde het wijkbureau een onmisbare schakel in de communicatie naar de buurt. En toonde Welstand steun op momenten dat de zee wat ruwer was, vooral tijdens discussies over de bouwhoogte van het plan ten opzichte van de omringende bebouwing.

‘Gat in de stad’
Vroeger stonden hier de garage van Jan Jongerius en Café De Gelderse Bloem die samen een rechte straatwand vormden op de kop van het bouwblok. Vervuiling door de garage en verwachte archeologische vondsten zorgden ervoor dat bewoners en bezoekers, na de sloop, jarenlang uitkeken op een ‘gat in de stad’. Nu staan er twee bouwvolumes van formaat. Over de bouwhoogte is veel ophef geweest. Op historische gronden zou je die hoogte kunnen afwijzen. Nooit eerder stonden er op deze plek volumes van vijf bouwlagen, met een extra hoge begane grond. De omliggende bebouwing vraagt hier ook niet direct om. Toch lijkt de plek sterk genoeg om dit volume te kunnen dragen. Beide blokken buigen iets mee met de weg en sluiten met de gevels om het pleintje dat voor de bouwvolumes ontstaat. Het plein en de geplande horeca in de plint grijpen direct terug op de historische situatie. Het zwarte bouwblok links vormt een hoeksteen in de bocht van Ledig Erf naar de Tolsteegsingel. Dit hoekblok markeert de loop van de singel en toont zichzelf duidelijk vanaf Ledig Erf. Zo communiceert het blok de voortgang van Ledig Erf vanuit de stad tot over de singel. Belangrijk om wandelaars een zetje in de richting van het (zonnige) terras van de overburen te geven. Het blok met oranje metselwerk daarnaast vormt de sluitsteen in de rij bebouwing langs de Gansstraat. De hoogte, hoewel afgezwakt door een kapvorm in het dak, lijkt in combinatie met de nieuwe tegenoverliggende bebouwing de ingang naar de Gansstraat af te knijpen.

Vroeger was de Gansstraat als uitvalsweg richting Houten een duidelijk onderdeel van het knooppunt Ledig Erf, een bedrijvige straat met veel winkel- en werkruimte. Hoewel het deze uitvalsfunctie inmiddels kwijt is, verdient het een betere toegang dan deze. Je zou zelfs kunnen denken dat de historische relatie tussen Ledig Erf en Gansstraat juist de impuls zou kunnen geven die nodig is om het nieuwe plein te activeren. Deze plek heeft het namelijk niet makkelijk. Hoewel onderdeel van historisch Ledig Erf, is het inmiddels niet meer gescheiden van de stad door een boemelend trammetje, maar door een behoorlijk intensieve verkeersader met bijbehorende busdienst. Plannen om verkeersdrukte te beperken liggen op tafel, maar het uitrollen vraagt nog tijd.

Eigenheid en aandacht
Een sterk proces, duidelijke en verdedigbare keuzes in stedenbouwkundige opzet, maar er wringt iets. Het zwarte hoekblok kent een bepaalde eigenheid in vorm, materiaal en detaillering. De zwart betonnen plint, glazen balkons en gevelcompositie lijken met aandacht gemaakt. Niet spannend, maar je ziet aandacht. De ramen en balustrades in de voorgevel lijken te verwijzen naar de ornamenten voor de ramen van Planjers politiekantoor, het huidige Louis Hartlooper Complex, aan de overkant. Vast geen toeval.

Maar het rechter, oranje blok verbaast een beetje. Het is vlak, haast flets. De horizontale geleding van de ramen maakt het breed en onduidelijk. Wordt hier gewoond of gewerkt? Waar komt die kapvorm eigenlijk vandaan? Lopend lang de gevel versterken de gebruikte materialen (type baksteen, rammelende aluminium lekdorpels) dit gevoel. Een groot contrast met de plasticiteit en kwaliteit aan de overkant van het plein.

En dat wringt. Ledig Erf is een begrip. Een plein, een ontmoetingsplek, een uitgaansplek en heel duidelijk een spannend randje aan het centrum. Het slaan van een verbinding met de tegenoverliggende wijk in aan- en opbouw is een logische stap die toegejuicht moet worden. Er is lang, hard en gedegen gewerkt aan de planvorming van de nieuwe kopbebouwing. Maar dat er niemand in het team is opgestaan met de woorden: ‘Trouwens, het plan moet mooier, spannender en liefdevoller worden dan alles aan de overkant van de singel!’, verbaast enorm. Dat had Planjer echt verdiend.